chocomousse

mannelijk/vrouwelijk (de)/'ʃokomus/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. nagerecht gemaakt van geklopte eieren, gesmolten chocolade en slagroom
    De dessertkeuze is beperkt: de eeuwige crème brûlée en chocomousse. Wij prefereren een plateau kazen met zijn tweeën: vijf goed rijpe, harde en zachte.