choke

mannelijk (de)/ʃok/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. motortechniek (motortechniek) onderdeel van de carburateur van motoren om het mengsel rijker te maken door de toevoer van de benzine te verhogen dan wel de luchttoevoer te verkleinen

Etymologie

* van "choke", in de betekenis van ‘smoorklep’ voor het eerst aangetroffen in 1951

Vertalingen

Engelschoke
Fransstarter
Spaanscierre del aire, estárter, estrangulador