circus

/ˈsɪrkʏs/

Wat is de betekenis van circus?

circus betekent: attractie in een circustent waar artiesten van allerlei aard hun kunsten en behendigheden vertonen in een ronde arena

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. attractie in een circustent waar artiesten van allerlei aard hun kunsten en behendigheden vertonen in een ronde arena
  2. figuurlijk (figuurlijk) een drukke lawaaierige en kleurrijke vertoning
  3. geschiedenis, bouwkunde (geschiedenis) (bouwkunde) een gebouw uit de Romeinse oudheid voornamelijk gebruikt voor wagenrennen

Voorbeelden van "circus" in een zin

  • Helemaal ondersteboven van het circus? Ga dan naar Sottosopra, de nieuwste voorstelling van het Magic Circus in de stad. Sottosopra betekent ‘ondersteboven’ in het Italiaans. En dat is niet voor niks. Acrobaten doen moeilijke handstandjes en vliegen door de lucht, en een lenige schoonheid haalt enge fratsen uit op de trapeze. Een goochelaar doet spannende trucs en een clown haalt grappen uit.4 maart 2016 NRC
  • De vraag is natuurlijk of u zelf aan dat circus meedoet. De tariefverschillen tussen de polissen waren de afgelopen jaren niet bijster groot, wat duidt op een gezonde prijsconcurrentie. Maar wat zegt dat? De polissen beginnen namelijk steeds meer van elkaar te verschillen.Jeroen Wester 31 oktober 2015 NRC

Betekenis en uitleg van circus

Een circus is een rondreizend vermaak dat bestaat uit optredens van acrobaten, clowns, dieren en andere artiesten. Het brengt een sfeer van verwondering en amusement, waarbij het publiek vaak in een grote tent of arena samenkomt om te genieten van de show.

Het woord 'circus' wordt vaak gebruikt om een plek aan te duiden waar mensen samenkomen voor vermaak en spektakel. Dit kan zowel de traditionele circussen met dieren en acrobatiek zijn als moderne varianten die meer gericht zijn op theatervoorstellingen en visuele kunst. In bredere zin kan 'circus' ook figuurlijk gebruikt worden om een chaotische of ongeregelde situatie aan te duiden.

Voorbeelden

  • Het circus komt volgend weekend naar de stad en ik kan niet wachten om de acrobaten in actie te zien.
  • Toen de kinderen hun speelgoed overal lieten rondslingeren, leek het wel een circus in de woonkamer.
  • De circusvoorstelling was zo indrukwekkend dat het publiek in een daverend applaus uitbarstte.

Woordoorsprong

Het woord 'circus' komt van het Latijnse 'circus', wat 'cirkel' of 'ronde' betekent, verwijzend naar de ronde arena's waar de optredens plaatsvinden.

Veelgestelde vragen over circus

Wat is de betekenis van circus?

circus betekent: attractie in een circustent waar artiesten van allerlei aard hun kunsten en behendigheden vertonen in een ronde arena

Hoeveel betekenissen heeft circus?

circus heeft 3 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Hoe gebruik je circus in een zin?

Voorbeeld: “Helemaal ondersteboven van het circus? Ga dan naar Sottosopra, de nieuwste voorstelling van het Magic Circus in de stad. Sottosopra betekent ‘ondersteboven’ in het Italiaans. En dat is niet voor niks. Acrobaten doen moeilijke handstandjes en vliegen door de lucht, en een lenige schoonheid haalt enge fratsen uit op de trapeze. Een goochelaar doet spannende trucs en een clown haalt grappen uit.4 maart 2016 NRC

Etymologie

* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘voorstelling van dressuur en acrobatiek’ voor het eerst aangetroffen in 1897

Vertalingen

Engelscircus, circus, three-ring circus
Franscirque, cirque, cinéma
DuitsZirkus, Zirkus, Durcheinander
Spaanscirco, aparato
Italiaanscirco, circo, baraonda
Portugeescirco
Russischцирк
Zweedscirkus