cirkel

mannelijk (de)/ˈsɪrkəl/

Wat is de betekenis van cirkel?

cirkel betekent: (meetkunde) een reeks van punten in een tweedimensionaal vlak die alle even ver van het middelpunt verwijderd zijn

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. meetkunde (meetkunde) een reeks van punten in een tweedimensionaal vlak die alle even ver van het middelpunt verwijderd zijn
  2. groep van mensen die bij elkaar horen rond een centraal persoon

Voorbeelden van "cirkel" in een zin

  • Iedereen kent de V-vorm waarin ganzen langs de hemel vliegen. Maar diezelfde vogels kunnen ook vliegen in een volmaakte cirkel, de ‘ganzencirkel’.Kester Freriks 16 februari 2016 NRC
  • Ook hier was de vrouw te zien, alleen zat ze nu ineengedoken in een cirkel die boven het graan zweefde.
  • Haar geest werd ruw losgekoppeld, hartstocht nam de controle over haar lichaam over. Terwijl zijn vingertoppen op verkenning gingen, draaide zijn tong trage cirkels rond haar tepel.
  • De verhalen gaan over hoe de cirkel rondom Vladimir Poetin geld weg sluist.Melle Garschagen 4 april 2016 NRC
  • Lots woorden in gedachten - dat ik me meer moest openen - zette ik een stap naar voren en ging in de cirkel staan, waarna Lot en Joy aan weerszijden hun armen om mij heen sloegen.

Betekenis en uitleg van cirkel

Een cirkel is een perfecte, ronde lijn waarin elk punt even ver van het middelpunt verwijderd is. Je kunt het zien als een vorm die oneindig veel symmetrie heeft en vaak wordt gebruikt om harmonie en eenheid uit te drukken.

Het woord 'cirkel' kom je vaak tegen in de wiskunde, maar ook in het dagelijks leven, zoals bij het tekenen van een rond object of het organiseren van een bijeenkomst. In figuurlijke zin kan 'cirkel' ook verwijzen naar een groep mensen die samenkomen, bijvoorbeeld vrienden of familie. Het kan ook symbolisch worden gebruikt om een cyclus of herhaling aan te duiden, zoals in de uitdrukking 'de cirkel is rond'.

Voorbeelden

  • De kinderen tekenden een grote cirkel op het gras om hun spel te beginnen.
  • In de vergadering zaten we op een cirkelvormige tafel, waardoor iedereen elkaar goed kon zien.
  • Na jaren van onduidelijkheid voelde ik eindelijk dat de cirkel van mijn leven weer rond was.

Woordoorsprong

Het woord 'cirkel' is afgeleid van het Latijnse 'circulus', wat 'kleine cirkel' betekent, en is verwant aan het Griekse 'kirkos'.

Veelgestelde vragen over cirkel

Wat is de betekenis van cirkel?

cirkel betekent: (meetkunde) een reeks van punten in een tweedimensionaal vlak die alle even ver van het middelpunt verwijderd zijn

Hoeveel betekenissen heeft cirkel?

cirkel heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Welk woordgeslacht heeft cirkel?

cirkel is een mannelijk (de).

Hoe gebruik je cirkel in een zin?

Voorbeeld: “Iedereen kent de V-vorm waarin ganzen langs de hemel vliegen. Maar diezelfde vogels kunnen ook vliegen in een volmaakte cirkel, de ‘ganzencirkel’.Kester Freriks 16 februari 2016 NRC

Etymologie

*via Middelnederlands """ van Latijn "circulus", in de betekenis van ‘kring’ aangetroffen vanaf 1220

Uitdrukkingen

  • vicieuze cirkeleen zichzelf versterkend proces waarbij het gevolg ook weer de oorzaak van een verandering in dezelfde richting is
  • dan is de cirkel weer ronddan is iets voltooid

Vertalingen

Engelscircle
Franscercle
DuitsKreis
Spaanscírculo
Italiaanscircolo
Portugeescírculo
Russischкруг
Chinees
Japans円, 丸
Poolsokrąg, krąg
Zweedscirkel
Deenscirkel