woorden
boek
Start
›
C
›
ciseleur
ciseleur
mannelijk (de)
/sizə'lør/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
beroep
(beroep) iemand die ciseleert, een ciseleerder
Etymologie
* van ciseleren
Verwante woorden
ciseleer
ciseleerde
ciseleerden
ciseleerder
ciseleerders
ciseleert
ciseleren
ciseleurs
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← ciseleren
ciseleurs →