Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
claustra
mannelijk/vrouwelijk (de)/'klɔustra/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bouwkunde) betonnen rooster dat ter versiering in een wandvlak is aangebracht
Etymologie
* van het Latijnse 'claustra' [afsluiting, versperring, poort], mv. van claustrum [staaf, tralie], van claudere [sluiten]
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek