Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

claustra

mannelijk/vrouwelijk (de)/'klɔustra/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bouwkunde (bouwkunde) betonnen rooster dat ter versiering in een wandvlak is aangebracht

Etymologie

* van het Latijnse 'claustra' [afsluiting, versperring, poort], mv. van claustrum [staaf, tralie], van claudere [sluiten]