complotdenker
mannelijk (de)/kɔm'plɔdɛŋkər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die gelooft op grond van meestal onvolledige of foute informatie dat een meestal belangrijke gebeurtenis, ontwikkeling of toestand op bijvoorbeeld sociaal, politiek of economisch gebied, toegeschreven kan worden aan een samenzwering (complot)Negen maanden cel voor complotdenker die handelde uit ‘nietsontziende kwaadaardigheid’. [https://www.nrc.nl/nieuws/2023/12/08/negen-maanden-cel-voor-complotdenker-die-handelde-uit-nietsontziende-kwaadaardigheid-a4183719 www.nrc.nl (8 dec 2023)]Arts en immunoloog Anthony Fauci, vijf jaar geleden het gezicht van de Amerikaanse covidbestrijding, wordt nog altijd met de dood bedreigd door complotdenkers. Hij blijft een held voor een deel van Amerika en een landverrader volgens een, in zijn woorden „substantieel kleiner” deel, dat zich gesterkt weet door de terugkeer van Donald Trump[https://www.nrc.nl/nieuws/2025/02/14/arts-anthony-fauci-ik-redde-miljoenen-levens-en-word-toch-als-vijand-gezien-a4883090 www.nrc.nl (14 feb 2025)]„De nieuwe Amerikaanse president loopt voorop in een kakelbonte carnavalsstoet van ongeremde autocraten, techmagnaten, reactionairen en complotdenkers die popelen om de confrontatie aan te gaan. Een tijdperk in het teken van grenzeloos geweld breekt aan voor onze ogen.”[https://www.nrc.nl/nieuws/2025/06/05/impulsiviteit-wreedheid-en-bruut-machtsvertoon-volgens-giuliano-da-empoli-is-dit-het-nieuwe-normaal-a4895983 www.nrc.nl (5 jun 2025)]
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek