computerprogrammatuur

vrouwelijk (de)/kɔm'pjutərproɣrɑmatyr/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. informatica (informatica) programmatuur geschreven voor een computer (tegenwoordig evident) in tegenstelling tot de programmering voor mechanische apparaten die er b.v. voor zorgt dat er muziek uit een straatorgel komt.