computervredebreuk

mannelijk/vrouwelijk (de)/kɔmˈpju.tərvredəbrøk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. juridisch (juridisch) met voorbijgaan aan de beveiliging binnendringen in een computer of netwerk
    Met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de vierde categorie wordt, als schuldig aan computervredebreuk, gestraft hij die opzettelijk en wederrechtelijk binnendringt in een geautomatiseerd werk of in een deel daarvan..

Etymologie

*gevormd met computer naar het voorbeeld van huisvredebreuk

Vertalingen

Engelscomputer trespass