corona

mannelijk/vrouwelijk (de)/koˈrona/

Wat is de betekenis van corona?

corona betekent: (astronomie) krans van licht rond de zon te zien tijdens een volledige zonsverduistering

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. astronomie (astronomie) krans van licht rond de zon te zien tijdens een volledige zonsverduistering
  2. meteorologie (meteorologie) krans van licht door de diffractie van de zon of de maan door kleine waterdruppels of ijskristallen van een wolk
  3. taalkunde (taalkunde) diakritisch teken boven een foneem
  4. mineralogie (mineralogie) mineraal dat omringd wordt door een ander mineraal
  5. natuurkunde (natuurkunde) ontladingsverschijnsel
  6. biologie (biologie) benaming voor virussen uit de familie en meer in het bijzonder de onderfamilie
  7. medisch, informeel (medisch) (informeel) benaming voor COVID-19, een ziekte die door een coronavirus wordt veroorzaakt

Voorbeelden van "corona" in een zin

  • Rond de maan was er een prachtige corona te zien.
  • In het Deens, Noors en Zweeds komt er boven de a een corona voor (å) en wordt gezien als aparte letter, en in het Tsjechisch boven de u (ů).

Etymologie

* van Latijn "corona" "krans, kroon", in de betekenis van ‘kransvormige buitenste atmosfeer van de zon’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1900