crouton

mannelijk (de)/kruˈtɔ̃/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. voeding (voeding) stukje geroosterd brood ter grootte van zo'n 1 × 1 × 1 cm, waarvan een handjevol op de soep of door een salade wordt gestrooid om deze smakelijker te maken

Etymologie

* van "croûton", in de betekenis van ‘stukje geroosterd brood’ voor het eerst aangetroffen in 1847

Vertalingen

Engelscrouton
Franscroûton
Spaanscrostón, cuscurro