cursusduur
mannelijk (de)/ˈkʏrzʏsˌdyr/
Wat is de betekenis van cursusduur?
cursusduur betekent: tijdsverloop waarin een samenhangende reeks lessen over een onderwerp of van een opleiding kan worden gevolgd
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- tijdsverloop waarin een samenhangende reeks lessen over een onderwerp of van een opleiding kan worden gevolgd
Voorbeelden van "cursusduur" in een zin
- Eind jaren zeventig slaagden de universiteiten er nog in om massaal de richtlijn te omzeilen dat de cursusduur bij voorkeur tot vier jaar beperkt moest blijven.
- In workshops van één tot drie dagen maken derdejaars leerlingen twaalf, dertien per groep een korte speel- of animatiefilm. Ze leren een verhaalopbouw schrijven, de camera bedienen, ze leren wat over licht, over monteren en ze leren acteren. (…) Scholen betalen, afhankelijk van de cursusduur, een bijdrage tussen de 200 en 400 euro.
Veelgestelde vragen over cursusduur
Wat is de betekenis van cursusduur?
cursusduur betekent: tijdsverloop waarin een samenhangende reeks lessen over een onderwerp of van een opleiding kan worden gevolgd
Welk woordgeslacht heeft cursusduur?
cursusduur is een mannelijk (de).
Hoe gebruik je cursusduur in een zin?
Voorbeeld: “Eind jaren zeventig slaagden de universiteiten er nog in om massaal de richtlijn te omzeilen dat de cursusduur bij voorkeur tot vier jaar beperkt moest blijven.”
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek