Dageraad

mannelijk (de)/ˈdaɣəˌrat/

Wat is de betekenis van Dageraad?

Dageraad betekent: het aanbreken van de nieuwe dag [3], de tijd net voor zonsopkomst

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het aanbreken van de nieuwe dag [3], de tijd net voor zonsopkomst

Voorbeelden van "Dageraad" in een zin

  • De dageraad gloort.
  • In haar hoofd vermengt Rezeki's rode vlek zich met Marens bebloede doeken, en ze strompelt de voordeur uit, het bordes af, de dageraad tegemoet.
  • Sinds de dageraad zijn er veertig minuten verstreken en schuchter komt uit het oosten de schaduw van de nacht binnenschuiven.

Etymologie

* In de betekenis van ‘aanbreken van de dag’ voor het eerst aangetroffen in 1240

Vertalingen

Engelsdawn, daybreak
Fransaube
DuitsMorgendämmerung, Morgengrauen
Spaansamanecer, alba, aurora
Poolsbrzask, świt