dagloner

mannelijk (de)/'dɑxlonər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beroep (beroep) een arbeider die per dag werd betaald en die met name in de land- en tuinbouw werkte
    Een ZZP'er of iemand met een nul-uren contract is de moderne dagloner.

Etymologie

*afgeleid van dagloon

Vertalingen

Engelsday laborer
Spaansjornalero, mercenario