woorden
boek
Start
›
D
›
dagwand
dagwand
onzijdig (het)
/'dɑxwɑnt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
de oppervlakte grond die een boer met behulp van een os en een ploeg normalerwijze in 1 dag kon ploegen; 1/3 hectare; 3300 m2
Verwante woorden
dagwaarde
dagwaarden
dagwacht
dagwachten
dagwandeling
dagwandelingen
dagwanden
dagwerk
dagwijzer
dagwijzers
dagwinkel
dagwinkels
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← dagwachten
dagwandeling →