damklok

mannelijk/vrouwelijk (de)/'dɑmklɔk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. uurwerk waarmee men de denktijd van dammers reguleert en zo nodig beperkt
    Lensen, een van de oprichters van Denk en Zet kreeg daarbij ook een oorkonde van de Koninklijke Nederlandse Dam Bond. Als cadeau kreeg Denk en Zet een damklok.