deal
Wat is de betekenis van deal?
deal betekent: (informeel) overeenkomst, transactie
Betekenis
- (informeel) overeenkomst, transactie
Voorbeelden van "deal" in een zin
- De wethouder had een deal gemaakt met de vastgoedondernemer.
- De modellen die het grootste gedeelte van de show lopen zijn beroeps uit Bulgarije en Polen. Ons management heeft een deal met dat van hen gemaakt.
- We liepen naar de tabakswinkel op de Dalagatan en kochten, ja dat wil zeggen hij kocht, twee losse Boys zodat we konden roken terwijl we de details van de deal doorspraken.
Betekenis en uitleg van deal
Een 'deal' is een afspraak of overeenkomst tussen twee of meer partijen, vaak met wederzijdse voordelen. Het kan gaan om zakelijke transacties, maar ook om informele afspraken tussen vrienden of familie.
Het woord 'deal' wordt vaak gebruikt in zakelijke contexten, zoals het sluiten van contracten of onderhandelingen over prijzen. Maar je kunt het ook gebruiken in alledaagse situaties, zoals wanneer vrienden afspreken om samen iets te doen. De nuance kan variëren van formeel tot informeel, afhankelijk van de context.
Voorbeelden
- Na lang onderhandelen sloten ze eindelijk een deal over de verkoop van het huis.
- We maakten een deal dat ik de boodschappen zou doen, als hij het diner zou koken.
- Het bedrijf heeft een lucratieve deal gesloten met een internationale leverancier.
Woordoorsprong
Het woord 'deal' is afkomstig uit het Engelse 'deal', wat 'verdelen' of 'toewijzen' betekent, en heeft zijn weg gevonden in het Nederlands, vooral in commerciële contexten.
Veelgestelde vragen over deal
Wat is de betekenis van deal?
deal betekent: (informeel) overeenkomst, transactie
Welk woordgeslacht heeft deal?
deal is een mannelijk (de).
Hoe gebruik je deal in een zin?
Voorbeeld: “De wethouder had een deal gemaakt met de vastgoedondernemer.”
Etymologie
*van het Engels