Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
debbelen
/ˈdɛbələ(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) (spreektaal) door herhaald aanraken bederven
- (erga) (spreektaal) (pejoratief) zitten peuteren, zitten kauwen
Etymologie
*(freqtt) debben "tekortschieten" of dabben "wroeten"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek