deemster

/'demstər/

Wat is de betekenis van deemster?

deemster betekent: (België), (meteorologie) halfdonker, (late) schemering

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. meteorologie (België), (meteorologie) halfdonker, (late) schemering
  2. (België) donkerte, duisternis (ook fig.)

Voorbeelden van "deemster" in een zin

  • We zagen weinig in de deemster.
  • De deemster van de vergetelheid.

Betekenis en uitleg van deemster

Een deemster is een rechter of iemand die recht spreekt, vooral in een formele of officiële context. Het woord wordt vaak gebruikt in juridische of historische situaties, waar de deemster verantwoordelijk is voor het nemen van beslissingen in geschillen of het handhaven van de wet.

Het gebruik van 'deemster' is tegenwoordig minder gebruikelijk, maar je kunt het tegenkomen in historische teksten of in een poëtische context. Het woord roept een beeld op van autoriteit en wijsheid, vaak in verband met het nemen van belangrijke beslissingen. Wanneer je praat over rechtspraak of de rol van een rechter in de geschiedenis, is 'deemster' een passend woord.

Voorbeelden

  • De deemster luisterde aandachtig naar de argumenten van beide partijen voordat hij zijn oordeel velde.
  • In de oude rechtbanken fungeerde de deemster als de uiteindelijke autoriteit in juridische geschillen.
  • De legendes vertellen over een wijze deemster die altijd rechtvaardige vonnissen uitsprak.

Woordoorsprong

Het woord 'deemster' komt van het Oudengelse 'deman', wat 'oordeel geven' betekent, en is verwant aan woorden die met recht en oordeel te maken hebben.

Veelgestelde vragen over deemster

Wat is de betekenis van deemster?

deemster betekent: (België), (meteorologie) halfdonker, (late) schemering

Hoeveel betekenissen heeft deemster?

deemster heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Wat zijn synoniemen van deemster?

Synoniemen van deemster zijn: deemsternis, deemstere, deemsterder, deemsterdere, deemsterst.

Hoe gebruik je deemster in een zin?

Voorbeeld: “We zagen weinig in de deemster.

Etymologie

* (erfwoord): Middelnederlands deemster, ontwikkeld uit Oergermaans *þemestraz, bij Indo-Europees *temh₁-es-, waartoe ook Tochaars B tamāsse ‘donker’, Latijns tenebrae ‘duisternis’, Litouws tamsà ‘duisternis’ en Sanskriet támas- ‘duisternis’ behoren. Evenals Middelnederduits deemster, dienster en Duits finster; verder Engels dim en IJslands dimmur, beide ‘donker, duister’.