deficit
onzijdig (het)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (medisch) gebrek
- tekortDe regering doet een voorstel tot wijziging van de Grondwet om het democratisch deficit te verhelpen.
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘tekort’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1824
Vertalingen
Engelsdeficit
Spaansdéficit
Portugeesdéficit
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek