Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

dendroloog

mannelijk (de)/dΙ›ndro'lox/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. plantkunde, beroep (plantkunde) (beroep) boomkundige

Etymologie

*afgeleid van het Griekse: δένδρον 'dendron' (boom)