deuken

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) een deuk of deuken maken in iets
    Tot zijn schrik merkte hij dat zijn nieuwe wagen gedeukt was.

Etymologie

* In de betekenis van ‘een buts maken’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1772

Vertalingen

Engelsdent
Franscabosser, bosseler
Duitsverbeulen
Spaansabollar