Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

deurboog

mannelijk (de)/ˈdørbox/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bouwkunde (bouwkunde) doorgang die bovenaan de vorm van een halve cirkel heeft
    Ten noorden van Den Nul ligt de boerderij Groot Scherpenzeel (Scherpenzeelseweg 3), bestaande uit een hoog dwarspand met gepleisterde trapgevels en in de zuidgevel een deurboog met natuursteenblokken en natuurstenen schelpvullingen uit omstreeks 1640.