diamantnijverheid
vrouwelijk (de)/dija'mɑntnɛɪvərhɛɪt/
Wat is de betekenis van diamantnijverheid?
diamantnijverheid betekent: alle bedrijven die zich bezighouden met de bewerking en verwerking van diamanten
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- alle bedrijven die zich bezighouden met de bewerking en verwerking van diamanten
Voorbeelden van "diamantnijverheid" in een zin
- Het jaar erop, 1915, kan „er toch met enige voldoening op worden gewezen dat de land- en tuinbouw over het algemeen in gunstigen toestand verkeeren.” Hoewel de werkloosheid „nog niet zorgwekkend” is, zijn er wel problemen. „Het havenbedrijf, bouwbedrijf en de diamantnijverheid kwijnen.”
- „De Vereniging Beurs voor den Diamanthandel, opgericht in 1890, vertegenwoordigt de Diamanthandel, de Diamantnijverheid en in diamant gespecialiseerde juweliers welke lid zijn van de Vereniging”, zo staat op de website.
- „Eindelijk zullen zakenmensen vanuit het centrum van Londen opnieuw naar de Antwerpse metropool kunnen vliegen”, zegt topman Johan Maertens. „Ook voor het Antwerpse bedrijfsleven - en de diamantnijverheid en de havengemeenschap in het bijzonder - is het goed nieuws dat er opnieuw een directe link is naar de Londense Docklands.”
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek