dictafoon
mannelijk (de)/dɪkta'fon/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- toestel voor het vastleggen en weergeven van gedicteerde teksten, dicteermachine
Etymologie
*afgeleid van het Latijnse 'dictare' (dicteren)
Vertalingen
Engelsdictaphone
Fransdictaphone
Spaansdictáfono
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek