Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
dikdik
mannelijk (de)/dɪkˈdɪk/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (evenhoevigen) een dier dat behoort tot het genus van kleine antilopenDikdiks zijn genoemd naar het geluid dat ze voortbrengen.
Etymologie
* genoemd naar het geluid dat ze voortbrengen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek