dinar
mannelijk (de)/ˈdinɑr/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (financieel) munteenheid in o.a. Algerije, Bahrein, Irak, het voormalig Joegoslavië, Jordanië, Koeweit, Libië, Servië en Tunesië
- (numismatiek) (historisch) gouden munt in islamitische landen
Etymologie
*van دِينَار (dīnār) dat weer teruggaat op Latijn "denarius", in de betekenis van ‘munteenheid van o.a. Algerije, Bahrein, Irak, Jordanië, Koeweit, Libië en Tunesië’ voor het eerst aangetroffen in 1824
Vertalingen
Spaansdinar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek