dinosauriërs
/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (reptielen) een diverse groep van reptielen, behorend tot de , die stamt uit het mesozoïcum. Tegenwoordig is bekend dat de vogels dinosauriërs zijn
Etymologie
* "dinosauriër" met de uitgang -s
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek