doceer
Wat is de betekenis van doceer?
doceer betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van doceren
Betekenis
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van doceren
- gebiedende wijs van doceren
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van doceren
Voorbeelden van "doceer" in een zin
- Ik doceer.
- Doceer!
- Doceer je?
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek