doch
/dɔx/
Wat is de betekenis van doch?
doch betekent: nevenschikkend voegwoord dat een contrasterend verband uitdrukt (formeler dan maar)
Betekenis
voegwoord
- nevenschikkend voegwoord dat een contrasterend verband uitdrukt (formeler dan maar)
Voorbeelden van "doch" in een zin
- Hij was een edel mens, doch een schoft.
- De heer Olivier B. Bommel eet meestal een eenvoudige, doch voedzame maaltijd.
- Hij pakte Chantals handen en trok haar voorzichtig doch vastbesloten naar zich toe.
Etymologie
* In de betekenis van ‘nevenschikkend voegwoord’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1100
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek