doedel
mannelijk (de)ˈdudəl
Wat is de betekenis van doedel?
doedel betekent: doedelzak
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- doedelzak
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van doedelen
- gebiedende wijs van doedelen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van doedelen
Voorbeelden van "doedel" in een zin
- Ik doedel.
- Doedel!
- Doedel je?
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek