doop
mannelijk (de)/dop/
Wat is de betekenis van doop?
doop betekent: (religie) (christendom) plechtige besprenkeling of onderdompeling waarmee iemand tot een kerk gaat behoren en zonden afgewassen worden
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (religie) (christendom) plechtige besprenkeling of onderdompeling waarmee iemand tot een kerk gaat behoren en zonden afgewassen worden
- (figuurlijk) eerste keer dat iemand een taak uitvoert of eerste gebruik van een object
Voorbeelden van "doop" in een zin
- Er werden drie dopen uitgevoerd.
- De Leandro Trossard moest, zoals dat gaat met nieuwe Rode Duivels, een liedje zingen voor zijn nieuwe ploegmaats bij wijze van doop.
Etymologie
*(erfwoord) van Middelnederlands "dope" en Oudnederlands "douphe"
Vertalingen
Engelsbaptism
Spaansbautizo, bautismo, bautizo
Deensdåb
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek