doorrijden
/ˈdorɛidə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (erga) voortgaan met rijden; niet stoppenDe automobilist was na de aanrijding doorgereden, maar werd door de politie achterhaald.Verkeer werd omgeleid via de A13 en A20. Rond 08.45 werd de tunnel in beide richtingen weer vrijgegeven. Na afloop stonden er nog flinke files van Rotterdam tot Rijswijk en van Spijkenisse tot Ridderkerk, maar inmiddels kan het meeste verkeer weer doorrijden.
- sneller rijdenJan, rijd alsjeblieft een beetje door
- zich met een rijdier of voertuig door iets heen verplaatsenDe zware vrachtwagen reed met veel te hoge snelheid het smalle straatje door.
werkwoord
- rijdend bewegen door
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek