doorwoelen
/doorˈwulə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) overal wroeten in
werkwoord
- (inerg) verdergaan met wroeten
- (ov) helemaal erdoorheen wroeten, stuk wroetenWoensdag zijn de laatste kistjes doorgewoeld op zoek naar die paar rotte uien die er nog tussen zaten.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek