dopen
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (ov) bevochtigen door indompeling in een vloeistof
- (ov) (religie) iemand ritueel met water besprenkelen of erin onderdompelen en zodoende tot een geloof toelaten
- (ov) een naam geven, met name bij het dopenHet schip werd gedoopt met de naam "de Volharding"
- (ov) voor het eerst ondergaanvuurdoop, luchtdoop
Etymologie
* In de betekenis van ‘dompelen, door doop in geloofsgemeenschap opnemen’ voor het eerst aangetroffen in 1240
Vertalingen
Engelsbaptise, baptize, call
Fransappeler
Duitseintauchen, taufen, nennen
Spaansmojar, remojar, empapar
Portugeesbatizar
Zweedsdöpa, nämna
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek