Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
doppruim
mannelijk/vrouwelijk (de)/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bloemplanten) een boom uit Zuid-Afrika die tot de zeepboomfamilie behoort. Het is de enige soort in het geslacht Pappea dat vernoemd is naar de botanicus . Op de Zuid-Afrikaanse komt hij voor in de categorie minste zorg (LC)
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek