dragen

/ˈdraɣə(n)/

Wat is de betekenis van dragen?

dragen betekent: (ov) al van de vloer houdend vervoeren

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) al van de vloer houdend vervoeren
  2. ov (ov) als kledingstuk of sieraad aanhebben

Voorbeelden van "dragen" in een zin

  • Hij droeg de slapende baby naar zijn bedje.
  • Zij droeg een prachtige lichtblauwe jurk en een halsketting met diamanten.
  • Ik was altijd gewend in de bergen hoge, leren bergschoenen te dragen maar ditmaal had ik gekozen voor lage trailrunner schoenen die erg licht waren en snel droogden.

Betekenis en uitleg van dragen

Het woord 'dragen' verwijst naar de handeling van iets fysiek vervoeren of ondersteunen. Dit kan zowel letterlijk zijn, zoals het dragen van een tas, als figuurlijk, bijvoorbeeld het dragen van een verantwoordelijkheid.

Je gebruikt 'dragen' als je iets of iemand met je meeneemt of onder je hoede neemt. Het kan ook verwijzen naar emotionele of morele lasten, zoals het dragen van verdriet of zorgen. De nuance van het woord kan variëren afhankelijk van de context; zo kan 'dragen' ook impliceren dat je iets met zorg of trots doet.

Voorbeelden

  • Zij droeg de zware dozen naar boven, terwijl hij de kinderen in de gaten hield.
  • Na het gesprek voelde hij de druk van de verwachtingen die hij moest dragen.
  • Ze droeg een prachtige jurk naar het feest, die haar elegantie perfect benadrukte.

Woordoorsprong

Het woord 'dragen' komt van het Oudnederlands 'dragan', wat 'voortbrengen' of 'vervoeren' betekent. Het is verwant aan het Duitse 'tragen' en het Engelse 'to carry'.

Veelgestelde vragen over dragen

Wat is de betekenis van dragen?

dragen betekent: (ov) al van de vloer houdend vervoeren

Hoeveel betekenissen heeft dragen?

dragen heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Hoe gebruik je dragen in een zin?

Voorbeeld: “Hij droeg de slapende baby naar zijn bedje.

Etymologie

*(erfwoord) via Middelnederlands "dragen" / "draghen" van Oudnederlands "dragan", in de betekenis van ‘ondersteunen, bij zich hebben, aan hebben’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1100

Uitdrukkingen

  • het hart hoog dragen
  • het hart op de tong dragen
  • iemand op handen dragen
  • water naar de zee dragen
  • al draagt een aap een gouden ring, het is en blijft een lelijk ding
  • de jongste ezel moet het pak dragen
  • het eind zal de last dragen
  • het zijn niet allen koks die lange messen dragen

Vertalingen

Engelscarry, wear
Fransporter, porter
Duitstragen, tragen
Spaansllevar (puesto)
Russischносить, нести, носить
Zweedsbära, bära, ha på sig
Deensbære, have på