Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

dreadlock

mannelijk (de)/ˈdrɛtlɔk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. dikke streng van vervilte, samengevlochten haren (als onderdeel van een kapsel dat uit zulke strengen bestaat), vooral bij rastafari's
    Er hangen lange, blonde lokken langs zijn gezicht, maar halverwege zijn kapsel ontstaat een enorme dreadlock, een gevaarte ter grootte van een babyzeehond.

Etymologie

*van ,