dubbelspeler
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- tennisser die gespecialiseerd is in het dubbelspelKubot, die als dubbelspeler op elk grandslam al eens kwartfinalist was, kreeg in zowel de eerste als de tweede set de eerste breakpoints, maar juist op die momenten kon de als 24ste geplaatste Janowicz iets extra's brengen.De Rijnsburger is niet ontevreden over de huidige situatie in Nederland met drie tennissers in de top honderd en een dubbelspeler in de toptien.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek