dufheid
vrouwelijk (de)/ˈdʏfhɛit/
Wat is de betekenis van dufheid?
dufheid betekent: een gevoel waarbij men zich futloos of uitgedoofd voelt
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een gevoel waarbij men zich futloos of uitgedoofd voelt
Voorbeelden van "dufheid" in een zin
- Die vrouw heeft last van dufheid omdat ze weinig slaapt.
Veelgestelde vragen over dufheid
Wat is de betekenis van dufheid?
dufheid betekent: een gevoel waarbij men zich futloos of uitgedoofd voelt
Welk woordgeslacht heeft dufheid?
dufheid is een vrouwelijk (de).
Hoe gebruik je dufheid in een zin?
Voorbeeld: “Die vrouw heeft last van dufheid omdat ze weinig slaapt.”
Etymologie
*afgeleid van duf
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek