Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

dumbbell

mannelijk (de)/ˈdʏmbɛl/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een korte staaf (halter), met een vast gewicht, of waar losse gewichten aan kunnen worden bevestigd dat gebruikt wordt bij krachttraining
    De man was sinds de zomer suïcidaal. Op de dag dat hij de moorden pleegde, door zijn zusje te wurgen en zijn moeder en oma meermalen met een dumbbell op het hoofd te slaan, was hij bang dat zijn familie hem van een zelfmoordpoging zou weerhouden.
    Ook bij de dumbbell press-oefening waarbij Tavares 46 kilo aan gewicht in beide handen strak de lucht in duwt. "Deze oefening, op díe manier uitgevoerd, dat doet alleen Rico Verhoeven hem na", zegt Kroon vastberaden.

Etymologie

* uit het Engels