woorden
boek
Start
›
D
›
duoblok
duoblok
onzijdig (het)
/ˈdywoˌblɔk/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
bouwkunde
(bouwkunde) watercloset met daaraan vastgekoppeld waterreservoir
Etymologie
*afgeleid van blok
Verwante woorden
duobaan
duobak
duobakken
duobanen
duoblokken
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← duobanen
duoblokken →