echtbreekster
vrouwelijk (de)/ˈɛxtbrekstər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- vrouw die een scheiding aanvraagt; getrouwde vrouw die een liefdesrelatie aangaat met een andere man of vrouwHij stamelde dat de koningin van Schotland een echtbreekster was en werd verdacht van moord en dat hij een man was die ervan hield op een veilig hoofdkussen te slapen.
Etymologie
* van echtbreken
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek