eis

mannelijk (de)/ɛɪ̯s/

Wat is de betekenis van eis?

eis betekent: een dwingende vraag, een noodzakelijke voorwaarde voor iets

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een dwingende vraag, een noodzakelijke voorwaarde voor iets
  2. juridisch (juridisch) de straf die de officier van justitie passend vind om opgelegd te worden

Voorbeelden van "eis" in een zin

  • De eisen voor toelating tot deze universiteit zijn heel zwaar.
  • Haar vader de baron verlangde een welgestelde schoonzoon en dat was een onmogelijke eis.
  • De eis van de officier van justitie was een levenslange gevangenisstraf. De advocaat van de verdachte pleitte echter voor vrijspraak.

Etymologie

*Afkomstig van het Middelnederlandse eisc, Middelnederduitse eisch

Uitdrukkingen

  • eisen stellen aan iemand

Vertalingen

Engelsdemand
Fransexigence
DuitsForderung
Spaansexigencia
Russischтребование