engel
Wat is de betekenis van engel?
engel betekent: (religie) (monotheïsme) geestelijk hemels wezen dat God dient en bemiddelt tussen God en mens
Betekenis
- (religie) (monotheïsme) geestelijk hemels wezen dat God dient en bemiddelt tussen God en mens
- (eufemisme) iemand die grote daden van naastenliefde doet
Voorbeelden van "engel" in een zin
- Dat is vast voorkomen door een engel.
- Net als Scrooge in A Christmas Carol van Charles Dickens werd ik door drie engelen bezocht tijdens mijn tocht: de engel van het verleden, die van het heden en die van de toekomst.
- Je bent een engel als je je buurvrouw elke dag verzorgt.
Betekenis en uitleg van engel
Een engel is vaak een spiritueel wezen dat wordt gezien als een boodschapper van God of het goede. In de meeste religies wordt een engel afgebeeld als een vriendelijk en beschermend figuur die mensen helpt en begeleidt.
Het woord 'engel' wordt vaak gebruikt in religieuze en spirituele contexten, maar ook in het dagelijks leven als metafoor voor iemand die je helpt of beschermt. Je kunt het gebruiken om iemand te beschrijven die je een gevoel van veiligheid geeft, of als je iemand bewondert om zijn goede daden. De term heeft vaak een positieve connotatie en roept beelden op van zorg, liefde en medemenselijkheid.
Voorbeelden
- Tijdens haar zware tijden voelde ze zich altijd omringd door engelen die haar de kracht gaven om door te gaan.
- Hij was als een engel voor het kind, altijd klaar om een luisterend oor te bieden en advies te geven.
- Veel mensen geloven dat hun overleden dierbaren als engelen over hen waken.
Woordoorsprong
Het woord 'engel' komt van het Griekse 'angelos', wat 'bode' of 'boodschapper' betekent. Dit geeft een hint naar de rol van engelen als boodschappers tussen de mens en het goddelijke.
Veelgestelde vragen over engel
Wat is de betekenis van engel?
engel betekent: (religie) (monotheïsme) geestelijk hemels wezen dat God dient en bemiddelt tussen God en mens
Hoeveel betekenissen heeft engel?
engel heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft engel?
engel is een mannelijk (de).
Hoe gebruik je engel in een zin?
Voorbeeld: “Dat is vast voorkomen door een engel.”
Etymologie
* via Middelnederlands "engel" / "inghel" en Latijn "angelus" van "ἄγγελος" (ángelos) "bode, afgezant", in de betekenis van ‘bode van God’ voor het eerst aangetroffen in 1200
Uitdrukkingen
- engel des doods — een engel die de dood aankondigt