Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

facetimen

/ˈfestɑjmə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. gebruik maken van FaceTime, een programma van Apple voor videotelefonie
    Wesley laat aan Shownieuws los dat hij de afstand ‘vervelend vindt’, vooral omdat Yolanthe en Xess Xava zich in Amerika aan de strenge lockdownregels moeten houden. ,,De ene dag probeer je positief te zijn. Dan hoop je dat het allemaal snel voorbij is, maar dat weten we niet. Het is een kwestie van positief blijven en veel facetimen.’'
    Ik schrijf wel ‘niks doen’ maar feitelijk doen we absoluut niet niks. Degenen met vitale beroepen doen op dit moment al helemaal niet niks, maar ook de thuiszitters doen eigenlijk vanalles {{sic!

Etymologie

* afleiding van FaceTime