Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
fasleutel
mannelijk (de)/ˈfasløtəl/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (muziek) één van drie, bij de voortekening van een notenbalk behorende aanwijzers, die een lijn voor een bepaalde toon markeren, in dit geval de toon faDe overige lijnen zijn daardoor tevens bepaald. De aanwijzing geldt tot de laatste maatstreep, tenzij voordien anders aangegevenDe fasleutel staat in de voortekening van de onderste notenbalk van een pianopartij.De fasleutel dient om de lage noten te noteren.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek