feestmuts

mannelijk/vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. hoofddeksel (hoofddeksel) vaak kegelvormig hoofddeksel dat men draagt ter gelegenheid van een feestelijke gebeurtenis
    Toen het WikiWoordenboek de 100.000 artikelen bereikte zette iedereen zijn feestmuts op.

Vertalingen

Engelsparty hat
Fransbonnet de fête
DuitsFestkappe
Zweedspartyhatt