feil
vrouwelijk (de)ˈfɛil
Wat is de betekenis van feil?
feil betekent: tekortkoming
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- tekortkoming
- vergissing
- dweil
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van feilen
- gebiedende wijs van feilen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van feilen
Voorbeelden van "feil" in een zin
- Ik feil.
- Feil!
- Feil je?
Etymologie
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘fout’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1573
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek