woorden
boek
Start
›
F
›
femelarij
femelarij
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
huichelarij
gepeuter, gepruts
Etymologie
* van femelen
Synoniemen
hypocrisie
tartufferie
schijnheiligheid
bigotterie
gefleem
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← femelaren
femelde →